los van de eigen klankkleur kent de djembe drie basisklanken:
Bij de bas en slap kan ook met één hand de trommel worden gedempt, terwijl de slag wordt uitgevoerd. Dit levert een byzonder droge, korte tik op. (rondje)
Hoewel er verschillende manieren zijn om de muziek te noteren, gebruiken we bij Nugara meestal de kruisjesnotatie. Deze bestaat uit drie balken met hokjes, verdeeld over groepjes van vier hokjes achter elkaar (voor een vierkwarts maat). Een kruisje in de bovenste balk betekent een slap, in het midden een open en onderaan een bas. Geen kruisje betekent een rust. Een dubbel kruisje of dikgedrukt kruisje betekent een slag met twee handen tegelijk (extra hard).
Voorbeeld van kruisjesnotatie: |
![]() |
| Byzondere extra's: dubbele slag (vet) en gedempte slag (rondje) | ![]() |
Gewone muzieknoten kunnen ook. De lage C is daarbij gelijk aan de bas, de F is de open en de hoge C is de slap.
| Muziekschrift plus linker/rechter-hand |
![]() |
De traditionele notatie lijkt wel wat op de kruisjesnotatie:
| Conga-notatie | ![]() |
| Extra informatie: tellen en linker/rechter-hand |
![]() |
De meeste dansen bestaan uit een hoofdritme en ��n of meerdere tegenritmes, uitgebreid met een app�l en eventueel een 'break'. Sommige dansen hebben bovendien "duns", dat is begeleiding middels een Dundun (grote trommel), Sangban (middelgrote trommel) en Kenkeni (kleine trommel) plus bijbehorende bel(len).